Draco zaken afgedaan middels procesafspraken en schikkingen

PHILIPSBURG, St. Maarten - Het openbaar ministerie (OM) heeft vandaag bekendgemaakt dat de zaak ‘Draco’ in hoger beroep door het Gemeenschappelijk Hof is afgedaan met inachtneming van de procesafspraken die zijn gemaakt tussen het OM en de verdachte S.J.M. en zijn verdediging, zijnde mr. Safira Ibrahim en mr. Marcel van Gessel. Voorts zijn de ontnemingszaak Draco en de samenhangende zaken ‘Draco 2’ afgedaan middels schikkingen. Dit betekent dat alle lopende straf- en ontnemingszaken van S.J.M. thans zijn afgerond. 

Alle schikkingsbedragen komen ten goede aan het criminaliteitsfonds. De straf- en ontnemingszaken van S.J.M. en drie aan hem gelieerde bedrijven zijn hiermee afgesloten. S.J.M. zal op termijn een oproep ontvangen om zijn gevangenisstraf uit te zitten. 

Het onderzoek Draco is gestart op 8 november 2018 en werd verricht door het Recherche Samenwerkingsteam (RST) onder verantwoordelijkheid van het Centraal Team van het Parket van de Procureur-Generaal van Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, St. Eustatius en Saba. 

Op 10 februari 2022 werd S.J.M. door het Gerecht in Eerste Aanleg (GEA) veroordeeld in de strafzaak Draco tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 22 maanden voor het opzettelijk niet en onjuist doen van belastingaangifte en witwassen. Daarbij werd ook de vordering tenuitvoerlegging van een eerder deels voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf door het GEA bevolen. Naast S.J.M. werden in het onderzoek nog drie andere personen veroordeeld. 


De veroordeelde S.J.M. en het OM waren tegen dit vonnis in beroep gegaan. 

Tegelijk met de strafzaak werd door het RST een Strafrechtelijk Financieel Onderzoek opgestart om vast te kunnen stellen of er bij de verdachten in Draco sprake was van wederrechtelijk verkregen voordeel. Volgens het OM is uit dit onderzoek gebleken dat S.J.M. zich met het plegen van de strafbare feiten waarvoor hij is veroordeeld heeft verrijkt. Daarom is het OM een ontnemingszaak tegen S.J.M. gestart. 

Als gevolg van de veroordeling in strafzaak Draco, is het OM vervolgens een strafrechtelijk onderzoek en ontnemingszaken gestart tegen drie bedrijven waarbij S.J.M. volgens het OM betrokken was. Dit strafrechtelijk onderzoek “Draco 2” ziet op verdenkingen van valsheid in geschrift en witwassen. Het OM en S.J.M. en zijn verdediging hebben eerder dit jaar in al deze zaken overeenstemming bereikt. 

Het hoger beroep in de strafzaak Draco is door het Gemeenschappelijk Hof afgedaan met inachtneming van de door het OM en de verdachte en zijn verdediging gemaakte procesafspraken. Procesafspraken zijn afspraken tussen het OM en de verdachte, waarin zij overeenstemming hebben bereikt over de gewenste uitkomst. Deze afspraken moeten gemotiveerd aan de rechter worden voorgelegd ter toetsing. De rechter mag deze afspraken volgen, maar hoeft dat niet als de rechter het er niet mee eens is. Vandaag heeft het Gemeenschappelijk Hof de in de procesafspraken opgenomen afdoening redelijk en passend geacht en overeenkomstig vonnis gewezen. Dat betekent dat S.J.M. in hoger beroep is veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 21 maanden en dat de vordering tenuitvoerlegging van de deels voorwaardelijke gevangenisstraf is afgewezen. 

Deze uitkomst dient te worden bezien in het kader van het totaalpakket aan afspraken tussen het OM en S.J.M. in combinatie met zijn gewijzigde proceshouding. S.J.M. heeft aangegeven graag schoon schip te willen maken en heeft verantwoordelijkheid genomen voor zijn daden. 

Het totaalpakket aan afspraken met S.J.M. behelst allereerst dat hij de onvoorwaardelijke gevangenisstraf die hem voor de strafzaak Draco is opgelegd, heeft geaccepteerd. Dat de gevangenisstraf een maand lager uitvalt dan door het GEA is bepaald, heeft te maken met het overschrijden van de redelijke termijn in 

hoger beroep. Daarnaast heeft S.J.M. de bijbehorende ontneming geschikt tot een geldsom van 711.045 XCG. Hiermee doet S.J.M. afstand van door hem persoonlijk wederrechtelijk verkregen vermogen. Het OM zal dientengevolge het GEA verzoeken de ontnemingszaak beëindigd te verklaren.

Ook is met S.J.M. afgesproken dat de lopende straf- en ontnemingszaken tegen de drie aan hem gelieerde bedrijven kunnen worden afgedaan. Twee van de bedrijven worden niet vervolgd, omdat het wederrechtelijk verkregen voordeel van deze bedrijven al bij de ontneming van S.J.M. persoonlijk is meegenomen. Het derde bedrijf betaalt een geldboete van 20.000 USD en een ontnemingsschikking van 324.215 USD.

Het is de eerste keer dat in het Caribisch deel van het Koninkrijk een strafzaak in hoger beroep op deze manier wordt afgedaan. Het voordeel van procesafspraken is dat een strafzaak sneller en met minder procedurele stappen kan worden afgedaan. Dit levert voor de overheid een flinke besparing op aan kostbare tijd, zittingsruimte en overige kosten. Tegelijkertijd wordt door de vereiste rechterlijke instemming, de eerlijke rechtsgang en rechtsgelijkheid gewaarborgd.